| |
Er
is een zeer interessante cd-reeks (3 stuks) getiteld : " the
Music of Islam ". De meeste opnames dateren uit de jaren vijftig.
lk hoorde ze voor het eerst (op LP) rond 1975. Op de cd : "flutes
and trumpets" staan 2 korte stukjes die me toen al (25 jaar geleden)
fascineerden. Eerst een wondermooi duet voor twee dudukspelers. Het
inspireerde me om 'lament' te schrijven, een stuk dat ik nog wel eens
solo wil uitvoeren op begrafenissen. Na het dudukduet (een duduk is
een soort klarinet) staat een titelloos fragment van slechts 30 seconden.
Het is een veldopname van een verwelkomingsstoet in Oeganda. Het ritme
doet denken aan een soort samba, maar daarnaast hoor je de meest rare
geluiden : diepe bassen, schelle trombones, geschreeuw van meeuwen,
dansende en gillende vrouwen en kinderen... Zo'n feestelijk gedoe
had ik nog nooit gehoord. In de hoesnota's wordt gesproken over 'ivory
trumpets (aguara) and flutes'. Maar verder niets : geen foto's, geen
tekeningen... Het bleef dus een beetje een misterie, maar wel een
met een serieuze impact.
De tijd gaat
voorbij en dan opeens brengt iemand enkele jaren geleden 2 nfars
mee (het meervoud van nfar is eigenlijk nfaffer) uit Marokko. Lange
bazuinen zoals je die ziet in de film Ben Hur. Maar deze Marokkaanse
nfars klinken niet zo helder als in de film : ze produceren eerder
een klérelawaai. Diezelfde week zie ik toevalig (of niet ?) ook
een video met bazuinspelers uit Soedan en hoor ik een cd met Indische
religieuse muziek met gekromde bazuinen. En dan gaat er een licht
bij me op : wat ik zie en hoor doet me denken aan die cd : "the
Music of Islam". Ik zoek de track terug op en ja hoor, ook
dit zijn gelijkaardige bazuinen. Vanaf dan laat de idee mij niet
meer los : we moeten ook in België zo'n feestelijke muziekstoet
creëren. Maar hoe ?
Gewoon naspelen
of importeren heeft -voor mij althans- geen zin. Wel : hoe ga je
dit gegeven vertalen naar een stad als Brussel of Antwerpen ? We
beginnen, met een kleine SIF subsidie, in Antwerpen. Het loopt niet
goed : we proberen zelf bazuinen te maken maar die werken niet naar
behoren. De deelnemers, gerecruteerd uit de door ons georganiseerde
Marokkaanse percussieklas vinden de nieuwe ritmes niet leuk. Zij
willen gewoon traditionele ritmes spelen. De trompettisten vinden
hun eigen instrument toch veel interessanter dan zo'n bazuin, waarop
je geen melodietje kan spelen. OK, dan niet.
Ik leg de idee
voor aan de coordinatoren van de Zinnekeparade. Zij zien er wel
wat in. Opnieuw beginnen dus, maar niet van nul, en met meer mogelijkheden.
De leerlingen van de Antwerpse lasklas van Steunpunt tewerkstelling,
o.l.v. Mohamed El Ouazghari, hebben zeer goede trommelharnassen
gemaakt, waarop o.m. ook nog stokken kunnen bevestigd worden met
vlaggen. Manuela Lauwers ontwerpt en maakt een eerste kostuum. Daniël
Fox komt uit Engeland om meer speciale bastrommels te construeren.
Michael Weilacher (een Amerikaan uit Antwerpen) en ikzelf schriiven
muziek. Jo Zanders coördineert en fabriceert nfars. Na opnieuw veel
mislukte -of te dure- pogingen vindt hij het : 2 inschuifbare plastic
electriciteitsbuizen, een trombonemondstuk en een afgezaagde spa-fles
als paviljoen. De spa-fles wordt later vervangen door een verkeerskegel
of een paviljoen van een kapotte trompet. We kunnen beginnen : mensen
opbellen, reclame maken, enthoesiasmeren…
We repeteren
in de Vaartkapoen. Centrum West en Vereniging voor Marokkaanse Jongeren
(VMJ) zijn ook partners. Eerste repetitie : groot alarm. Slechts
één meisje komt opdagen. Tweede repetitie : drie meisjes. Derde
repetitie : vijf andere gegadigden… Zo gaat het een tijdje door
tot we een achttal 'vaste' mensen hebben. Voor het eerst krijgen
we een idee hoe de groep gaat klinken. Fantastisch dus. Vanaf nu
gaat het snel : de mond aan mond reclame doet zijn werk. Meer en
meer mensen willen meedoen, de energie komt los. Vijftien jongeren
(12-14 jaar) van Centrum West komen nu ook. Met hen werken we van
18u tot 20u. Met de ouderen (vanaf 16 jaar) vanaf 19u3O. Het is
spannend, het is moeilijk, het is frustrerend, maar o zo intens
en ontroerend.
FUGA,
de Japanse taïkos
Steunend
op vier rijtuigen met hun massieve trommels in de vorm van antieke
potten, leveren de taïkospelers, rechtstreeks vanuit het land van
de Rijzende Zon een levendige internationale bijdrage aan de Parade...
Het 'E-U Japan
Fest Commitee' (M. Kogi, secretaris-generaal) schept artistieke
banden tussen Japan en Europa. Voor Brussel - Europese Cultuurstad
voor het jaar 2000 - heeft hij Fuga voorgesteld, een befaamde groep
taïkospelers. De gemengde percussies hebben zich ontwikkeld via
Fanfarrah en Percussions-Percutons. Na een eerste stage in maart
2000 in de Vaartkapoen en Idéal Stand'art in april gevolgd door
een aansluiting bij de Parade waar ze het ritme zullen aangeven
aan de rollers van Hip Hop in Line en tevens enkele solo's zullen
uitwisselen met de muzikanten van Fanfarrah.
Verantwoordelijke
van de Fugagroep : Kengo Inagashi en Masayoshi Shimada,
Professionele percussionisten; artistieke
omkadering: Yosuke Ohashi, regisseur in het Bewegingstheater
"Taïchi-Kikaku".
|
|